Deze column is geschreven door prof. dr. ing. Jacques Reijniers (MBA), ter gelegenheid van de officiële lancering van Plado op 8 juni 2010. De heer Reijniers hoogleraar inkoopmanagement aan Nyenrode Business Universiteit en directievoorzitter het NIC.
Het is thans niet meer de vraag waarom duurzaam ingekocht moet worden, maar veeleer nog steeds meer de vraag ‘hoe’ we dit kunnen realiseren. Organisaties in de private en publieke sector realiseren zich meer en meer dat het hun maatschappelijke plicht is een actieve bijdrage te leveren aan de verduurzaming van onze maatschappij. Het is en wordt een deel van ons bestaan en er is geen weg terug meer! Tevens blijkt dat duurzaam werken in de keten ook een onderscheidende meerwaarde in de markt oplevert!
In de praktijk moet echter vastgesteld worden dat het niet eenvoudig is om beleid en strategie ook om te zetten in het formuleren van effectieve duurzaamheidseisen en de operationele realisatie hiervan in herkenbare prestaties. Voorwaar geen gemakkelijke opgave. De eerste succesvolle basisstappen hiervoor zijn zeker gezet door Agentschap Nl (het voormalige SenterNovem). Ook het programma ‘Duurzaam Inkopen’ van het ministerie van VROM is hierin leidend. Het is hierbij echter niet alleen een taak van en rol voor de inkoopprofessionals. Ook het executive management en de verschillende functionele disciplines in een organisatie zullen integraal in het gehele managementproces een voorwaardescheppende en samenwerkende bijdrage dienen te leveren.
Het begint bij het executive management, aangezien zij als geen ander de ‘sense of urgengy’ kunnen uitdragen en de strategische prioriteiten hiervoor kunnen aangeven. Het is John Kotter die in zijn meest recente boek ‘A sense of urgency’ (Harvard Business Press, 2008) ook weer nog eens aangeeft. De vraag is hierbij alleszins gerechtvaardigd: ‘Wat is de consequentie voor de organisatie indien de prioritaire duurzaamheidsdoelstelling niet wordt gehaald?’.
Het is voor een succesvolle realisatie van belang om de relatie te kunnen leggen tussen de doelstellingen voor duurzaam inkopen en de vigerende beleidsdoelstellingen van de organisatie. Wat te denken van een ‘benchmark’ van eigen duurzaamheidspositie met die van andere organisaties? Waar zijn de ‘pilots’ om als voorbeeld te dienen?
Het is ook van belang om een onderscheid te maken tussen de verschillende inkooptechnische resultaten (zoals fanctuur- en proceskosten alsmede de product- en producteigenschappen) als ook de meerwaarde voor het realiseren van de beleidsdoelstellingen van de organisatie. Want duurzaam inkopen hoeft niet duurder te zijn!
Duurzaamheid, milieu en economie gaan steeds meer samen. Vele voorbeelden tonen dit ook aan en kunnen Nederland op het gebied van innovatie en economie ook weer helpen een versterkte vooraanstaande positie in te nemen.
Zoals eerder gesteld, zijn we er nog niet. Er dient nog veel onderzoek plaats te vinden naar het ‘hoe’ en in de praktijk dient nog veel ‘uitgetest’ te worden. Een grootse opgave voor de toekomstige generatie nieuwe werknemers en leiders in onze organisaties.
Het is daarom van essentieel dat de huidige studenten in het Hoger Onderwijs binnen ieder vakgebied de essenties van duurzaam inkopen strategisch kunnen doorgronden en in de praktijk leren hanteren. Want het succes is ook gelegen in de praktische implementatie van beleid! Het zijn de docenten die hierbij een voortrekkers- en voorbeeldrol dienen te vervullen. DHO helpt hen op verschillende manieren om deze doelstellingen te realiseren. Het nieuwe platform deelt kennis, ervaring en ideeën op een snelle wijze met elkaar. Het vormt een inspiratiebron voor (versnelde) ontwikkelingen door het leggen van vele verbindingen. Een geweldige maatschappelijke uitdaging vandaag voor de wereld van morgen.
Jacques Reijniers
Geboeid door het verhaal van prof. dr. ing. Jacques Reijniers (MBA)? Klik hier voor de Plado themapagina over duurzaam inkopen.